Stichting Platform Bio-Energie
- Home
- Companies & Suppliers
- Stichting Platform Bio-Energie
- Downloads
- Jaarwerkplan 2011 pdf
Jaarwerkplan 2011 pdf
De Stichting Platform Bio-Energie is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel Haaglanden onder nummer 27173668 7 maart 2011 JAARPLAN 2011 1 DE ‘MISSIE’ VAN PBE “Stichting Platform Bio-Energie streeft naar maximale toepassing van biomassa en bio-energie, op maatschappelijk verantwoorde wijze en in al zijn verschijnings-vormen.” 2 DE DOELGROEPEN VAN PBE De primaire doelgroepen van Stichting Platform Bio-Energie zijn: • producenten, aanbieders en (voor)bewerkers van biomassa • apparatenbouwers en projectontwikkelaars • energiebedrijven • olie- en gasmaatschappijen • eindgebruikers van groene grondstoffen • agri- en biomassahandelaren • kennisinstellingen • financiële instellingen • decentrale overheden (provincies, gemeenten, waterschappen etc.). PBE richt zich tot: • nationale en Europese overheid • pers. -2- PBE Jaarplan 2011 3 FOCUS EN ACTIVITEITEN 2011 PBE is gericht op beïnvloeding van beleid, zowel in Nederland als op Europees niveau, dat voor de ontwikkeling van biomassa en bio-energie van belang is. Daarnaast is het bouwen aan een netwerk van organisaties en bedrijven die be-trokken zijn bij biomassa en bio-energie een tweede focus. Belangrijke routes voor beleidsbeïnvloeding zijn en blijven de contacten met de voor dit onderwerp relevante ministeries, de Tweede Kamerleden en de Captains of Industry. PBE wil dit jaar haar contacten met de ministeries versterken. Voor de meer generieke vragen rond duurzame energie zal daarin worden samenge-werkt met de DE-Koepel. Voor de meer specifieke biomassa- en bio-energie ge-relateerde vraagstukken wil PBE haar rol in diverse commissies en werkgroepen versterken. Ook zal PBE extra aandacht besteden aan beleidsbeïnvloeding op Europees ni-veau. Europees beleid drukt steeds meer zijn stempel op de ontwikkelingen van bio-energie in Nederland. Onderwerpen zoals een gelijk speelveld binnen Europa voor criteria voor de duurzaamheid van biomassa, de Renewable Action Plans en de rol van bio-energie in Renewable Heating & Cooling zijn hier van groot en toenemend belang. Hiervoor is PBE onder meer aangesloten bij AEBIOM (Euro-pean Biomass Association/Association Européenne pour la Biomasse). De koppe-ling met AEBIOM-activiteiten zal komend jaar worden versterkt. De betrokken-heid van PBE als bestuurslid in het Biomassa-panel van de EU Technical Commit-tee for Renewable Heating & Cooling draagt bij aan de versterking van de ver-binding met de Europese beleidsontwikkeling. In 2011 zal PBE haar aandacht richten op de volgende zaken. 3.1 Beleidsbeïnvloeding • Stimuleringskader energie uit biomassa: de SDE+ regeling is nog niet officieel vastgesteld. De tot op heden ontvangen informatie heeft PBE positief gestemd. De Werkgroep SDE blijft een belangrijke trekker van dit onderwerp binnen PBE. De verbindingen die mogelijk in het verschiet liggen met de Green Deal en het bij het ministerie van EL&I in ontwikkeling zijn de nieuwe industrie- en innovatiebeleid zullen nauwlettend worden gevolgd. PBE zal een integrale visie hiervoor opstellen en aan de betrokken ministeries, ook via de DE Koepel, worden gepresenteerd. • Biobased Economy: PBE onderschrijft de prioritering: biomassa inzetten voor hoogwaardige producten, zoals vervanging van fossiele grondstoffen -3- PBE Jaarplan 2011 voor de productie van materialen en andere producten met hoge toegevoegde waarde en vervolgens de reststromen inzetten voor bio-energie. De visie van PBE is om bij innovatie voor een aantal speerpunten te kiezen, waaronder Bi-obased Economy/bioraffinage, Vergroening aardgas en Logistiek/voor-bewerking (torrefactie)/import/export/doorvoer van biomassa. In het Neder-landse Industriebeleid wordt bio-energie/biobased economy als speerpunt aangemerkt voor de Nederlandse economie. Om biobased ketens te sluiten is de verbinding tussen nieuwe industriële partners en bestaande biomassake-tens van belang. In de Werkgroep Biobased Economy stelt PBE haar visie op over biobased economy, en de rol die PBE kan spelen om biobased economy te helpen tot wasdom te komen. • Biobrandstoffen: De biobrandstof industrie heeft als geen ander te maken gehad met een zwevend overheidsbeleid. Dit heeft ertoe geleid dat een aantal installaties ernstig in de problemen is gekomen. Door een overschot aan pro-ductiecapaciteit wordt het aanbod van Europese biofuel op de gemandateerde biobrandstofmarkt momenteel bepaald door degene die het goedkoopst kan produceren op bestelling dan wel gaat men over tot import van biodiesel of bio-ethanol. Het PBE wil zich voor deze industrie hard maken op de volgende manieren: inzetten voor een geharmoniseerde wereldhandel (importheffing of verbod op door exporterend land gesubsidieerde geproduceerde biofuels) gelijk speelveld voor de biofuel mandaten in Europa pleiten voor een eerlijke broeikasgas-vergelijking voor biofuels onder meer ten opzichte van fossiele brandstoffen en vergeleken over de hele keten bestendig lange termijn overheidsbeleid met goede keuzes: ? biobrandstof bij voorkeur voor luchtvaart en zware industriële voertui-gen (realistische vervangcapaciteit van fossiele transportbrandstoffen door biofuels) ? vergelijken met andere duurzame logistieke oplossingen als elektrisch rijden. • Groen gas: groen gas wordt door PBE gezien als een zeer kansrijke bio-energie optie. De trend van biogashubs biedt bijvoorbeeld nieuwe mogelijk-heden en kansen. Er is nog wel aandacht nodig voor verschillende zaken in dit kader, zoals: de kosten van de infrastructuur en wie die draagt en de mogelijkheid van ‘socialisatie’ van die kosten coördinatie van initiatieven in verband met beperkte invoedingscapaciteit op sommige gasontvangstations gaskwaliteit en veiligheid. • Mest-(co)vergisting: Co-vergisten van mest ondergaat een grote ontwikke-ling in Nederland. Uitbreiding van de positieve lijst en benutting van het di--4- PBE Jaarplan 2011 gestaat als meststof, waardoor mogelijk kunstmest kan worden vervangen zijn issues die deze ontwikkeling nog verder kunnen versterken. PBE wil meer betrokkenheid bij het Versnellerteam Groen Gas bewerkstelli-gen. Dit interdepartementale team moet de knelpunten voor groen gas, zoals geproduceerd uit covergisting, gaan oplossen. Andere punten in dit kader zijn: waarborging dat niet alleen groen gas, maar ook de overige bio-energie gestimuleerd blijven, zodat ook die technologieën gerealiseerd kunnen blijven digestaat afzet blijft een probleem. Er zou meer ruimte op dit dossier moe-ten komen in combinatie met bijvoorbeeld de mogelijkheden voor kunst-mest gebruik. • Duurzaamheid en certificering: PBE is van mening dat bio-energie opwekking op maatschappelijk verantwoorde wijze plaats moet vinden. De duurzaamheid van biomassa speelt daarin een belangrijke rol. PBE is voorstander van duurzaamheidseisen voor biomassa, maar niet uitsluitend voor bio-energie. We willen pleiten voor een gelijk speelveld binnen (minimaal) Europa. Duurzaamheidseisen zouden niet alleen voor biomassa met een energietoepassing moeten gelden, maar ook voor biomassa met andere, niet-voedseltoepassingen. Momenteel wordt 2-5% van de totale wereldproductie aan palm(pit)olie gebruikt als vervanger voor fossiele energie. Waarom wel duurzaamheidscriteria voor biomassa die wordt benut voor energie en niet voor bijvoorbeeld veevoer of shampoo? PBE beschouwt de Nederlandse norm NTA 8080/8081 als beter dan de huidige (voor vaste biomassa nog niet verplichte) EU-regels. Een Alleingang van Nederland echter leidt tot belemmering van de importpositie en rol als biomassa-hub voor Nederland. Uniforme normering voor de gehele EU is belangrijk voor het speelveld van Nederlandse bio-energie bedrijven. PBE bepleit de inzet van Nederland op Europees niveau om tot eensluidende duurzaamheidsnorm-stelling op Europees niveau te komen. Duurzaamheidscriteria voor vloeibare biobrandstoffen zijn Europees vastgesteld; voor vaste biomassa zou Nederland in Europa aan moeten dringen op eveneens Europese criteria voor die categorie. Ook hier is geen ‘Alleingang’ in Nederland gewenst. Er zouden niet alleen duurzaamheidseisen aan biomassa voor energie moeten worden gesteld, maar ook aan fossiele en nucleaire brandstoffen. Want aan fossiele en nucleaire energie waarmee bio-energie moet concurreren zouden toch minstens dezelfde keteneisen moeten worden gesteld? Bekende bestaande reststromen met korte voortbrengingsketens kunnen van expliciete toetsing of certificering worden uitgezonderd. Bij sterke toename van deze stromen dient toetsing aan de volledige set criteria opnieuw te worden overwogen. Bovenstaande punten zullen door PBE bij de Commissie -5- PBE Jaarplan 2011 Corbey onder de aandacht worden gebracht. PBE wil een grotere be-trokkenheid bij de activiteiten van de Commissie Corbey, en het mogelijke vervolg op deze Commissie, bewerkstelligen. • Bevoordeling fossiele brandstoffen en kernenergie: Niet alle kosten die zijn verbonden met het gebruik aan fossiele energiebronnen, met name maatschappelijke kosten met betrekking op gezondheid en milieu, worden daar aan toegerekend. Daarnaast is er discussie over de verschillende vormen van subsidiëring voor fossiele en kernenergie. Daarmee valt de economische vergelijking van de kosten van duurzame energie dikwijls negatief uit. PBE zal zich in 2011 inzetten om deze kosten transparanter en inzichtelijker in beeld te krijgen onder de aandacht te brengen van beleidsmakers om daarmee een meer objectieve positionering van duurzame energie, met name bio-energie, te bewerkstelligen. PBE wil onder trekkerschap van de DE Koepel bijdragen aan het opstellen van een gefundeerde visie op dit onderwerp en deze visie uitdragen naar ministeries, Kamerleden en de pers. • Afval- en Biomassamarkten: De inzet van afval en biomassa voor energie, met name biobrandstoffen, neemt onder meer door de verplichte bijmenging van biobrandstoffen een enorme vlucht. Nieuwe handelssystemen en han-delspartners ontstaan. De contacten en het netwerk van PBE met onder meer beleidsmakers en AEBIOM geven zicht op actuele ontwikkelingen die van be-lang zijn voor de afval- en biomassamarkt. • Publieke opinie/NGO’s: Beleidsmakers laten zich in hun keuzes steeds sterker leiden door de publieke opinie ten aanzien van biomassa en bio-energie, die voor een groot deel beïnvloed wordt door publicaties van NGO’s in de media. Het is daarom voor de bio-energie industrie van belang dat er een genuanceerd en gebalanceerd beeld van de inzet van biomassa en bio-energie ontstaat in de samenleving. PBE kan daarin een rol spelen door te kiezen voor eerlijke voorlichting in de pers en te reageren op ongenuanceerde en slecht onderbouwde kritiek in de pers op het gebruik van biomassa. 3.2 Activiteiten Business Meetings PBE organiseert dit jaar weer een vijftal Business Meetings. Deze zijn een be-langrijk ontmoetingspunt voor de donateurs, waar tevens het bestuur haar visies en voornemens presenteert. Voor de Business Meetings wordt, naast de dona-teurs, een breed bestand van omstreeks 500 in biomassa geïnteresseerden uit-genodigd. De datums zijn: 28 januari, 8 april, 24 juni, 23 september en (onder voorbehoud) 25 november. Het thema van de eerste Business Meeting was gericht op het beleid dat het nieuwe Kabinet in petto heeft voor duurzame energie en biomassa. De tweede -6- PBE Jaarplan 2011 Business Meeting heeft Biobased Economy als onderwerp. Om actualiteit te waarborgen worden de thema’s van de overige Business Meetings in de loop van het jaar vastgesteld. Nieuwsbrief Lopend Vuur Lopend Vuur, de PBE-nieuwsbrief, wordt gemiddeld vier maal per jaar aan de donateurs verstuurd. In het kader van vergroting van de bekendheid van PBE zal dit jaar een triggerende versie van Lopend Vuur worden verzonden aan potentië-le donateurs. Samenwerking PBE is aangesloten bij de DE Koepel, de overkoepeling van branche organisaties van de verschillende duurzame energie opties in Nederland. Ook is PBE lid van AEBIOM, de Europese organisatie voor nationale bio-energie associaties. PBE streeft naar meer donateurschappen van brancheorganisaties, om de paraplu van de biomassa-branche te verbreden. Donateurs De donaties van aangesloten bedrijven en organisaties blijven voor PBE de be-langrijkste bron van inkomsten. Een overzicht van de donateurs van PBE per 1 januari 2011 is opgenomen in Bijlage I. Het aantal donateurs bedraagt 45 per 1 januari 2011. De donateursbijdragen voor 2011 worden op hetzelfde bedrag ge-handhaafd als in 2010: • 1 medewerker € 300,- • 2 – 5 medewerkers € 750,- • 6 – 9 medewerkers € 1.375,- • > 10 medewerkers € 3.850,- Vertegenwoordiging van de gehele biomassa keten PBE vertegenwoordigt de gehele bio-energieketen. Het ‘marktaandeel’ in de ach-terkant van de keten (energiesector) is groot, nagenoeg alle kennisinstituten zijn aangesloten en ook vele aanbieders van conversietechnologie en projectontwik-kelaars. Echter, van deze laatste nog zeker niet alle, en ook aan de voorkant van de keten (landbouw/primaire/secundaire sector) missen we nog banden met be-langrijke partijen. Ook in andere voor biomassa van belang zijnde sectoren zou-den we graag aansluiting zien met meerdere partijen. Hierbij denken we onder meer aan partijen die betrokken zijn bij Biobased Economy. In 2011 zal PBE daar zowel vanuit het bestuur als het secretariaat opnieuw veel aandacht aan beste-den. Potentiële donateurs Daarnaast zal het bestuur actief nog niet aangesloten organisaties benaderen om zich als donateur bij PBE aan te sluiten. Vooral organisaties die deelbelangen van -7- PBE Jaarplan 2011 biomassa en bio-energie vertegenwoordigen zullen worden gevraagd aan PBE te gaan deelnemen, zodat de gehele keten steeds sterker wordt vertegenwoordigd. Werkgroepen Door het instellen van werkgroepen op specifieke gebieden kunnen de onderwer-pen meer gestructureerd worden gevolgd en wordt de betrokkenheid van dona-teurs verhoogd. Naast de bestaande werkgroepen voor de SDE en voor Biobased Economy wordt dit jaar bij de donateurs de behoefte gepeild aan een werkgroep voor Biobrandstoffen en één voor Groen Gas. Communicatie Communicatie vanuit PBE richt zich enerzijds op informatievoorziening over bio-energie en anderzijds op het vergroten en versterken van het netwerk van (Nederlandse) bio-energie bedrijven blijven van groot belang om de toepassing van biomassa en bio-energie te versnellen. De nieuwsbrief ‘Lopend Vuur’ van PBE (ca. 4x per jaar), de Business Meetings Bio-Energie (ca. 5x per jaar), de internetsite en het e-mail verkeer met donateurs zullen hun rol daarin ook in 2011 blijven spelen. De internetsite wordt in 2011 geactualiseerd. Direct of via haar donateurs zal PBE in 2011 de pers blijven ‘voeden’ met haar standpunten en visies over biomassa en bio-energie. Doelstelling is de kennis van en het draagvlak voor biomassa en bio-energie opwekking en de toepassing in de Nederlandse samenleving te vergroten. PBE Visie-documenten Het PBE Position Paper en het visie document ‘Food versus Fuel’ zullen dit jaar worden geactualiseerd. Vanzelfsprekend wordt hierin aandacht besteed aan de discussie rond indirect landgebruik (ILUC). De herziene versies zullen aan de do-nateurs worden voorgelegd. -8- PBE Jaarplan 2011 Bijlage I Overzicht donateurs per 1 januari 2011 4Q-Air bv BFP International B.V. Bio Energie Nederland Bio-Energie Twente BV BioCandeo N.V. BioGast Sustainable Energy BV Biomass Research BTG Biomass Technology BV Cirmac International BV Coöperatie Carnola B.V. Degin Duurzame Energie DEVOBO Forest Service / Biomass E.ON Benelux Energy Ecochip EcoSon Electrabel Eneco Essent GasTerra GMB Slibverwerking Zutphen Grontmij Energie HoSt B.V. HVC Innovative Renewable Energy Solutions BV (I-RES) J.K. Consultancy KEMA LTO Nederland NUON Power Generation Plas Bedrijfsadvies Praktijkcentrum Nij Bosma Zathe Projectburo De Laat Provincie Drenthe Provincie Gelderland Rabobank Raedthuys Groep SDE Research SEnS Capital Sparkling Projects b.v. Staatsbosbeheer Tri-O-Gen BV Tubro Filter-, Lucht- en Verbran-dingstechniek Twence BV Unica Ecopower b.v. VAR B.V. WUR 1 DE ‘MISSIE’ VAN PBE 2 DE DOELGROEPEN VAN PBE 3 FOCUS EN ACTIVITEITEN 2011
Most popular related searches
